Uiteindelijk zat ‘t kreng echter. Nog nahijgend en behoorlijk pissig
greep ik haar ruw bij de haren en sleurde haar zo de trap af. In de
woonkamer stormde ze een verre hoek in en bleef met haar neus tegen de
muur staan mokken...
Tja, wat doe je in zo’n geval? Op haar
inpraten zou weinig effect hebben. Haar knuffelen zou me waarschijnlijk
een stevige kniestoot opleveren. Dus rookte ik wat, dronk een glas of
twee en las een boek.
Ineens klonk er ‘n bescheiden kuchje. Vanuit m‘n ooghoek ontwaarde ik ‘n paar lakschoentjes die vlak naast me stonden.
Rustig
legde ik mijn boek weg, doofde mijn sigaret en keek omhoog. Ze had
een rood hoofd en haar ogen stijf gesloten.
“Kom maar,” zei ik zacht, op mijn schoot kloppend, “kom maar...”
Toen ik mijn armen om haar heen sloot begon ze te brullen.
Als het kleine kind dat ze was...
Bron: Frodo, www.ageplay.eu
|